
Het oog van de Mauritslinie
Wie vandaag over de Geuzenwaard uitkijkt, ziet vooral rust, ruimte en rivier. Vier eeuwen geleden was dit een van de belangrijkste plekken in een indrukwekkende verdedigingslinie die zich uitstrekte van Lobith tot Loevestein. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog liet prins Maurits langs de grote rivieren een netwerk van forten, wachttorens en verdedigingswerken aanleggen om de jonge Republiek te beschermen tegen aanvallen van Spaanse troepen. Deze verdedigingslijn staat tegenwoordig bekend als de Mauritslinie, soms ook de Oranje-Limes genoemd, als knipoog naar de beroemde Romeinse grensverdediging langs de Rijn.
Van soldaten naar wandelaars
Het Hoornwerk in de Geuzenwaard was meer dan alleen een uitkijkpost. Vanaf hier hield men niet alleen de rivier in de gaten, maar bewaakte men ook de belangrijke schipbrug bij het Tolhuis in Lobith. Anders dan een gewone redoute had een hoornwerk ook een verdedigende functie. Het was voorzien van wallen, grachten en natuurlijke hindernissen zoals doornhagen om ongewenste bezoekers buiten te houden. De wachters konden elkaar via vuur-, rook- en vlagsignalen waarschuwen. Een slim communicatienetwerk, lang voordat iemand ooit van mobiele telefoons had gehoord.
Geschiedenis krijgt opnieuw een plek
De Geuzenwaard laat zien hoe natuur, waterbeheer en geschiedenis prachtig kunnen samengaan. Door natuurontwikkeling en rivierverruiming krijgt het landschap meer ruimte, terwijl tegelijkertijd de verhalen van de Mauritslinie weer zichtbaar worden gemaakt. Samen met andere redoutes op ’t Gelders Eiland vormt het Hoornwerk een tastbare herinnering aan een periode waarin de rivieren niet alleen handelsroutes waren, maar ook de eerste verdedigingslinie van Nederland.





